Een afbeelding in watercolor. Het is een krans met bosvruchten, met in het midden de tekst Eat me.

Liever genieten van een bostuin

Zalig is het. Mijn dag is gemaakt. Ook al mislukt het, maakt niet uit. 

Dat was wat ik ongeveer een jaar geleden dacht toen ik las over “how to make a forest garden”. Een boek van Patrick Whitefield. Er bekroop me zo’n heerlijk gevoel van verwondering  bij de gedachte aan een eetbare bostuin.  Van een mostuin naar een bostuin, scheelt maar één lettertje, maar voor mij een wereld van verschil. Toedeloe werktuin. 

Hoe dom kun je eigenlijk zijn om een grasveld in een bostuin te willen. Als je het dan uitgedokterd hebt, denk je waar zat ik al die tijd met mijn hoofd. Meegaan met de natuur  is zoiets als de aard van het beestje vinden dus.  Met een verse stapel boeken en tijdschriften kruip ik op de bank, steek de haard aan en schenk mezelf een glaasje wijn.  De aard van mijn beestje heb ik alvast gevonden, denk ik genietend.

In één van de tijdschriften vind ik een artikel van Vera Greutink over bostuinen en ik denk aan de smalle strook achter het huis. Niets mee aan te vangen, veel schaduw en een rommelhoek. Misschien my cup of tea. We spreken af en ik rijd richting Nederlandse grens,  krijg daar een kop kruidenthee uit eigen tuin en we babbelen over mijn tuinstrook en haar boek “Smakelijke tuin”

Terug thuis,  bestel ik haar boek. Behalve de wens om bessen te hebben, weet ik van de toet nog de blaas. Werk aan de winkel, dat is alvast wel duidelijk.

Hieronder de link naar Patrick Whitefield. De link naar Vera moet ik nog even opzoeken. Dat is dan voor het volgende artikel.

 

 

 

De bibliotheken in België hadden dit boek niet.  Heb het zelf bij Bol.com besteld, duurde iets langer als voorzien.

2 comments:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.